Achtergrond

Op weg naar nieuwe KNMI-klimaatscenario’s

Het KNMI maakt regelmatig nieuwe klimaatscenario's van een mogelijk toekomstig klimaat voor Nederland. De meest recente zijn de KNMI'14-scenario's. In 2021 en 2023 verwacht het KNMI nieuwe scenarioproducten te publiceren.

Het KNMI ontwikkelt klimaatscenario's in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. De KNMI-scenario's zijn een vertaling van de mondiale klimaatprojecties van het IPCC - het klimaatpanel van de Verenigde Naties - naar Nederland.

Planning KNMI-klimaatscenario's

In 2021 brengt het KNMI het Klimaatsignaal’21 uit. Dit is een eerste duiding van het zesde assessment rapport van het IPCC naar Nederland. Deze duiding omvat de nieuwste inzichten ten aanzien van zeespiegelstijging, extreme neerslag, droogte, het stedelijk klimaat en de snelheid van veranderingen. Onderzoek op deze klimaatthema’s is sinds 2018 in volle gang.

In 2023 komt er een nieuwe scenario-tabel die de KNMI’14-scenario-tabel vervangt. De scenario-tabel bevat de kerncijfers voor een groot aantal variabelen en indicatoren van klimaatverandering voor Nederland. De CMIP6 modellen komen de komende jaren - met 1 à 2 jaar vertraging – beschikbaar, waarna het KNMI kan starten met de analyses voor de nieuwe scenario-tabel.

    IPCC KNMI
2021 januari   nieuwe normalen 1991-2020*
  juli IPCC AR6, The Physical basis (WGI)  
  najaar   KNMI Klimaatsignaal '21
2022 januari IPCC AR6, Mitigation (WGIII)**  
  februari IPCC AR6, Impacts, Adaption and Vulnerability (WGII)  
  september IPCC AR6, Synthesis Report  
2023     KNMI'23-klimaatscenario's

* Het KNMI publiceert volgens de richtlijnen van de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO) eens in de tien jaar nieuwe klimaatnormalen. De nieuwe normalen 1991-2020 vormen de referentie voor 'het klimaat van nu' in KNMI Klimaatsignaal'21 en KNMI'23-klimatscenario's.
** Het werkgroep III rapport van het zesde assesment report van het IPCC - het rapport over mitigatie - wordt in tegenstelling tot de volgorde in eerdere cycli eerder gepubliceerd dan het werkgroep II rapport over impacts, adaptatie en kwetsbaarheden. 

Bekijk de flyer Op weg naar KNMI-klimaatscenario's

 

Klankbordgroep en workshops in aanloop naar nieuwe scenario's

Voor de KNMI'14-scenario's hebben we internationaal lof geoogst voor de wijze waarop we stakeholders bij het proces betrokken hebben. Ook nu staat de gebruikersinteractie weer centraal. Zo wordt aan universiteiten, ministeries, waterschappen, gemeenten en de Deltacommissie gevraagd naar hun informatiebehoefte. Deze partijen zijn samengebracht in de Klankbordgroep KNMI-klimaatscenario's.

In aanloop naar de publicatie van de nieuwe scenario's organiseren we 1 tot 2 keer per jaar een workshop voor gebruikers van de klimaatscenario's. Abonnees van de KNMI Klimaatbrief worden automatisch op de hoogte gesteld.

Terugblik workshop voor Rijkswaterstaat: 22 juni 2020

Tijdens een online sessie (programma) gingen experts van het KNMI en Rijkswaterstaat in gesprek over het aanbod en de behoefte aan informatie in de komende scenario-producten.

KNMI-experts hebben de stand van zaken op gebied van lopend onderzoek in aanloop naar de nieuwe scenario's gepitcht:

Online workshop: 16 november 2020 - Op weg naar nieuwe klimaatscenario's

De geplande workshop voor gebruikers van KNMI-klimaatscenario’s op 11 september 2020 is - vanwege COVID-19 beperkingen - uitgesteld naar 16 november 2020 (10.00 tot 14.00 uur). De workshop vindt online plaats, omdat het toegestane aantal deelnemers op locatie waarschijnlijk nog te beperkt is. Tijdens de workshop wordt u geïnformeerd over lopend onderzoek voor de geplande scenario-producten en horen we graag van u wat uw informatie behoefte is voor uw kennisgebied. Ook digitaal zorgen we voor de nodige interactie, waarbij u de kans krijgt om in kleinere groepen in gesprek te gaan met de KNMI-onderzoekers. 

Interesse om deel te nemen? Stuur een e-mail o.v.v. uw naam, organisatie, functie en doel waarvoor u gebruik maakt van de KNMI-klimaatscenario’s. Doordat het aantal plaatsen beperkt is (om ook online voldoende interactie te krijgen) en we graag alle verschillende gebruikersgroepen vertegenwoordigd zien, kunnen we deelname niet garanderen. U krijgt een maand van te voren bericht of u kunt deelnemen.   

Kick-off Klankbordgroep KNMI-klimaatscenario's op 31 januari 2020
Kick-off Klankbordgroep KNMI-klimaatscenario's op 31 januari 2020
Rob van Dorland presenteert het proces naar nieuwe klimaatscenario's
Rob van Dorland presenteert het proces naar nieuwe klimaatscenario's
Rein Haarsma in gesprek met stakeholders
Rein Haarsma in gesprek met stakeholders

KNMI Klimaatbrief

Het KNMI informeert u via de KNMI Klimaatbrief over de ontwikkeling van de nieuwe KNMI-klimaatscenario's en gerelateerde nieuwe inzichten op het gebied van klimaatverandering. Ook wordt op de hoogte gehouden over bijeenkomsten voor gebruikers van klimaatscenario's.

Meld u aan voor de KNMI Klimaatbrief (1-2 maal per jaar).

Veelgestelde vragen over de KNMI-klimaatscenario's

Wat is een IPCC-assessmentrapport?

Het IPCC, het VN-klimaatpanel, publiceert eens in de ongeveer zeven jaar een rapport met daarin een overzicht van alle bekende kennis over het huidige klimaat en klimaatverandering. Deze assessmentrapporten bestaan telkens uit rapporten voor drie verschillende werkgroepen en een overkoepelend rapport. Het rapport van werkgroep I, dat gaat over het klimaatsysteem, wordt als eerste gepubliceerd en ongeveer 1 tot 1,5 jaar later komt het overkoepelende rapport uit. Voor het volgende IPCC-rapport, het zesde assessmentrapport (AR6), zal het werkgroep I rapport in 2021 uitkomen en het overkoepelende rapport in 2022.

Waarom zijn er naast de IPCC-rapporten ook KNMIklimaatscenario’s nodig?

De assessmentrapporten van het IPCC beschrijven klimaatverandering op wereldschaal en bevatten te weinig detail voor Nederland, vandaar dat het KNMI zo snel mogelijk na elk IPCC-assessmentrapport een duiding geeft van de informatie uit het IPCC rapport voor de Nederlandse omstandigheden en klimaatscenario’s voor Nederland levert.

Wat is de relatie tussen het internationale project CMIP, het IPCC en de KNMI-klimaatscenario’s?

  • Als basis voor de toekomstprojecties in de IPCC-assessmentrapporten worden de resultaten van mondiale klimaatmodellen gebruikt. In de jaren voorafgaand aan de IPCC-rapporten worden deze mondiale klimaatmodellen verbeterd en worden ze opnieuw gedraaid. Binnen de CMIP projecten (Coupled Model Intercomparison Project) worden de resultaten van veel modellen met elkaar vergeleken en geanalyseerd. Deze analyses worden in de IPCCassessmentrapporten gebruikt en moeten ongeveer 1,5 jaar voor de publicatie van een IPCC-assessmentrapport beschikbaar zijn vanwege de tijd die het kost om de assessmentrapporten te schrijven.
  • Aan het vijfde assessmentrapport van het IPCC (AR5) uit 2013 lagen de CMIP5 modellen ten grondslag.
  • Het zesde assessmentrapport (AR6) in 2021 zou op de nieuwe modelanalyses van CMIP6 gebaseerd worden, maar door vertraging in CMIP6 zal AR6 nog voor een groot deel op basis van CMIP5 gebaseerd worden.
  • De KNMI’14-klimaatscenario’s zijn gebaseerd op het vijfde assessmentrapport (AR5), op de CMIP5 modellen en regionale modelanalyses.
  • Klimaatsignaal’21 wordt gebaseerd op AR6, aangevuld met onderzoek door KNMI.
  • De nieuwe KNMI-klimaatscenario’s worden gebaseerd op het zesde assessmentrapport (AR6), op de CMIP6 modellen en regionale modelanalyses.
overzicht met klimaatproducten van het KNMI


Hoeveel en waardoor is CMIP6 vertraagd?

  • De toekomstsimulaties voor het CMIP6 zijn aanzienlijk vertraagd (1 tot 1,5 jaar). De totale set aan CMIP6 modelsimulaties is naar verwachting eind 2019 beschikbaar. Na opleveren van de modellen is er ook nog tijd voor analyse en publicatie vereist.
  • Reden voor de vertraging is de toegenomen complexiteit van de modellen. Hierdoor is de benodigde reken- en analyse tijd nog meer toegenomen dan van te voren was ingecalculeerd door het internationale CMIP-project. Ook is vertraging opgetreden in het aanleveren van nieuwe emissiescenario’s, waardoor de klimaatmodelleurs van het CMIP-project pas later konden starten. 
Facts & figures: mondiale klimaatmodellen (CMIP)
48 verschillende klimaatmodellen uit 24 landen
KNMI is onderdeel van de EC-EARTH modelgroep waar 31 instituten uit 11 landen samenwerken
Data beschikbaar via 23 datacentra verdeeld over de wereld
Gemiddelde resolutatie: 80 bij 80 kilometer

 

Waarom houdt het IPCC vast aan de oorspronkelijk planning en komt het KNMI met een alternatieve planning? 

  • In het IPCC worden 193 lidstaten van de VN vertegenwoordigd. Aan de rapporten dragen honderden auteurs uit tientallen landen bij. Door de enorme omvang van het proces om tot deze rapporten te komen is afwijking van de planning van deze rapporten niet mogelijk. De vertraging in de oplevering van de mondiale klimaatmodellen betekent daarom dat een belangrijk deel van de nieuwe modellen niet in het zesde assessmentrapport van het IPCC (AR6) wordt gebruikt. Hierop baseert het KNMI het Klimaatsignaal’21, op dat moment de meest recente inzichten.
  • De verwachting is dat de nieuwe modellen (CMIP6) aanzienlijke veranderingen laten zien, relevant voor de Nederlandse beleidsdossiers. Het niet meenemen van deze modellen zou een herhaling van zetten betekenen en het ‘overdoen’ van de KNMI-scenario’s uit 2014. 
  • Voordat nieuwe KNMI-klimaatscenario’s zijn verwerkt in de vele beleidsdossiers en toepassingen waaraan deze scenario’s ten grondslag liggen, gaan er jaren voorbij. Het niet verwerken van de nieuwe inzichten in de nieuwe KNMI-klimaatscenario’s zou daardoor zelfs een nog langere kennisachterstand op kunnen leveren dan die van zeven jaar, de gemiddelde termijn waarop de KNMI-scenario’s vervangen worden. Bovendien kosten de vele analyses door universiteiten, kennisinstellingen, ingenieursbureaus, bedrijven en overheden op basis van de nieuwe klimaatscenario’s veel tijd, welke beter besteed is op basis van de laatste inzichten.
  • Het KNMI komt in 2021 – net als het IPCC – met state-of-the-art informatie op het gebeid van klimaatverandering in het KNMI Klimaatsignaal’21; De klimaatscenario’s volgen - zo snel als technisch mogelijk - in 2023, met de scenario-getallen waarin de meest actuele informatie verdisconteert is, zodat de reken exercities in kader van NAS, Deltaprogramma en DPRA niet op basis van oude informatie plaats hoeven te vinden.

Kan informatie in het Klimaatsignaal’21 verschillen van de informatie in de KNMI’23-scenario’s? 

Ja, deze informatie kan verschillen a.g.v. voortschrijdend inzicht dankzij betere en hogere resolutie klimaatmodellen. De verschillen zijn daarmee goed uit te leggen:

  • Klimaatsignaal’21 is de duiding van AR6 voor Nederland en AR6 zal grotendeels op CMIP5 gebaseerd zijn. De nieuwe inzichten die in CMIP6 verwacht worden, zullen daardoor voor een deel nog niet in AR6 verwerkt zijn.
  • Voor de KNMI’23-klimaatscenario’s maken we gebruik van een bredere groep CMIP6 modellen. Daarvoor maken we gebruik van de analyses en publicaties die de CMIP6 model-onderzoek consortia nog zullen publiceren nadat AR6 gepubliceerd is.
Facts & figures: KNMI-klimaatscenario's
Bandbreedte temperatuur gebaseerd op 48 CMIP6 modellen
Scenariogetallen gebaseerd op het mondiale model EC-EARTH en het regionale model RACMO
Door hogere resolutie dan mondiale klimaatmodellen neemt rekentijd sterk toe (verdubbeling van horizontale resolutie leidt tot verachtvoudiging van de rekentijd)
Na beschikbaarheid van alle mondiale klimaatmodellen nog 2 a 3 jaar met 5 FTE voor rekenen en analyse vereist
Resolutie van regionaal klimaatmodel RACMO: 12 bij 12 kilometer
Resolutie van weermodel HARMONIE: 2,5 bij 2,5 kilometer (cases over het weer van de toekomst)


Wat zijn naar verwachting de belangrijke nieuwe inzichten in CMIP6? 

Allereerst laat een aantal modellen een sterkere mondiale temperatuurstijging zien bij dezelfde broeikasgasconcentraties. Daarnaast worden verschillende klimaatmodellen op een veel hogere ruimtelijke resolutie gedraaid, waardoor ze bepaalde weersfenomenen mogelijk beter simuleren (bijv. tropische stormen boven de Atlantische oceaan en de duur en uitgebreidheid van droogteperioden). 

Welke informatie kunnen we in 2021 verwachten en wat in 2023? 

  • In 2021 wordt het KNMI Klimaatsignaal’21, IPCC en Nederland gepubliceerd met duiding van het IPCC AR6 rapport voor Nederland. Deze duiding omvat de nieuwste inzichten in zeespiegelstijging, extreme neerslag, droogte, het stedelijk klimaat en de snelheid van veranderingen. Voor zeespiegelstijging geven we in het KNMI Klimaatsignaal’21 indicatieve getallen (deels o.b.v. CMIP5).
  • In 2023 worden de KNMI’23-klimaatscenario’s gepubliceerd, met de scenario-getallen die de basis vormen voor de vele onderzoeken naar de effecten van klimaatverandering en de adaptatie aan die verandering. Voor de KNMI’23-klimaatscenario’s, de nieuwe scenario-tabel met de getallen voor klimaatverandering rond 2050 en 2100 voor Nederland, vormen de CMIP6-modellen de basis.

Waarom is circa 3 jaar analyse tijd nodig? 

Vanaf dat de CMIP6 modellen beschikbaar zijn (eind 2019) is er nog circa  3 jaar aan analyse tijd door het KNMI nodig. Belangrijkste reden hiervoor is dat er een cascade aan modelruns (EC-EARTH, RACMO) uitgevoerd moet worden om tot de nieuwe scenario-getallen voor de veertigtal klimaatvariabelen en indices te komen. Er wordt gestart met het opzetten van een speciale data infrastructuur en het ontwikkelen van scripts en rekenmethodes om de grote hoeveelheid aan data te kunnen analyseren. Het draaien van de modellen kost gezien de hoge resolutie, ongeveer een jaar aan rekentijd. Dan is er nog tijd nodig voor de analyses zelf van de verschillen tussen CMIP 5 en CMIP6: treden er veranderingen in circulatieverandering op? Zijn er veranderingen in windsnelheid of richting? Laten de modellen een verandering in droogteperiodes zien? Wat zijn veranderingen in extreme neerslag en bijbehorende fenomenen, zoals onweer, hagel en windstoten? Kunnen wij de veranderingen onderbouwen met achterliggende processen? Al dit onderzoek, op basis van de regionale modelruns, moet uiteindelijk leiden tot getallen voor toekomstige verandering in de scenario-tabel. Tot slot is er tijd nodig voor het schrijven en verzamelen en de review van teksten, illustraties voor twee brochures in 2021 en 2023. 

Hoe snel komen andere Europese landen na publicatie van IPCC-rapporten met nationale klimaatscenario’s? 

Elk land in Europa maakt zijn eigen afweging over wanneer nieuwe klimaatscenario’s worden gepubliceerd en welke methoden worden gebruikt. In veel landen kiest men er voor om meer tijd te nemen om een vertaling te maken van de IPCC resultaten naar het eigen land. In Groot-Brittannië (UKCP18) en Zwitserland (CH2018) zijn de nationale scenario’s pas vijf jaar na publicatie van AR5 verschenen. Men heeft dan wel de mogelijkheid om meer informatie uit ander regionale klimaatmodellen te gebruiken of meer tijd te steken in het zelf genereren van meer ruimtelijke informatie.

Als Nederland zijn we altijd het eerste of één van de eerste landen binnen Europa die een vertaling van de IPCC-assessmentrapporten en de nieuwste CMIP-data maken.

Wat zit er in de KNMI-klimaatscenario’s en wat zijn opties voor aanvullend maatwerk? 

De KNMI-klimaatscenario’s worden voor een brede groep gebruikers ontwikkeld. Tijdens de ontwikkeling van de nieuwe scenario’s worden gebruikers actief betrokken om zo tot een product te komen dat aan de wensen van deze brede groep voldoet. Voor wensen voor een specifieke groep, die niet eenvoudig in de generieke scenario’s meegenomen kunnen worden, leveren wij maatwerk. Dit maatwerk wordt na de publicatie van de nieuwe klimaatscenario’s gedaan. Tijdens de ontwikkeling van de klimaatscenario’s wordt gewerkt aan een basis dataset, waardoor maatwerk makkelijker en sneller is te leveren.

Opties voor maatwerk zijn bijvoorbeeld het aanleveren van specifieke datasets - op basis van KNMI’23 - voor: 

  • Deltascenario’s
  • Scenario’s voor rivierafvoeren
  • Neerslagstatistiek
  • Update Klimaateffectatlas (KEA)

Download de veelgestelde vragen over de KNMI-klimaatscenario's als PDF

Niet gevonden wat u zocht? Zoek meer achtergrond artikelen