Bestuur

Directieraad en Raad van Toezicht

Directieraad

De directieraad van het KNMI bestaat uit twee leden. 

Hoofddirecteur prof. dr. G. van der Steenhoven

Gerard van der Steenhoven is sinds 1 februari 2014 eindverantwoordelijk voor het KNMI. Binnen de directie is hij tevens verantwoordelijk voor de portefeuilles strategie, onderzoek, externe communicatie en Chief Science Officer

Voor zijn benoeming als hoofddirecteur van het KNMI was Van der Steenhoven decaan van de faculteit Technische Natuurwetenschappen van de Universiteit Twente (UT). Daarvoor was hij werkzaam bij het NWO-instituut Nikhef in Amsterdam en het Massachusetts Institute of Technology (MIT). Tussen 2000 en 2008 was hij als bijzonder hoogleraar experimentele kernfysica verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen. Naast bovengenoemde functies is hij voorzitter geweest van onder andere de Nederlandse Natuurkundige Vereniging (NNV) en de Scientific Advisory Committee van het NWO-instituut Differ in Eindhoven. Als hoofddirecteur van het KNMI is Van der Steenhoven lid van de bestuursraad van de Europese meteorologische organisaties EUMETSAT (als voorzitter sinds 2018), ECMWF, EUMETNET, ECOMET, UWC en ACCORD. Daarnaast is hij als deeltijdhoogleraar Meteorological and Climatological Disaster Risk Reduction verbonden aan de Universiteit Twente en heeft hij als voorzitter hetzij lid gediend van diverse visitatie, toetsings- en auditcommissies, onder andere bij de Universiteit van Amsterdam, de Vlaamse Universiteiten en TNO. Gerard van der Steenhoven studeerde experimentele natuurkunde aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Directeur drs. M.A.F.P. van Rooij MBA

Myriam van Rooij is sinds 1 februari 2014 in dienst bij het KNMI. Haar portefeuille omvat financiën (CFO), informatievoorziening (CIO), organisatie-ontwikkeling, HR-beleid, operationeel waarnemen en vraagsturing

Van Rooij is een ervaren manager in zowel de private als de publieke sector. Zij is werkzaam geweest als concerndirecteur bij de gemeente Ede, met in haar portefeuille organisatieontwikkeling, bedrijfsvoering en dienstverlening. Daarvoor was ze directeur bij de gemeente Barneveld. Haar carrière is zij gestart als wetenschappelijk onderzoeker bij het Instituut voor Milieuvraagstukken (VU). Vervolgens heeft zij diverse managementfuncties vervuld bij Kiwa NV (nu KWR). Myriam van Rooij is lid van de Raad van Toezicht van InteraktContour, een organisatie voor mensen die zorg en ondersteuning nodig hebben als gevolg van hersenletsel. Daarnaast is ze lid van de onafhankelijke Provinciale Adviescommissie voor de Leefomgeving (Provincie Utrecht) en bestuurslid van de IT-Circle Nederland. Tevens participeert zij in een aantal departementale werkgroepen. Myriam van Rooij studeerde scheikunde en bedrijfskunde.

Hoofddirecteur Gerard van der Steenhoven
Hoofddirecteur Gerard van der Steenhoven ©KNMI/Valerie Kuypers
Directeur Myriam van Rooij
Directeur Myriam van Rooij ©KNMI/Tineke Dijkstra

Raad van Toezicht

De Raad van Toezicht heeft als taak het bewaken van de wetenschappelijke kwaliteit van de producten en diensten van het KNMI, evenals de onafhankelijkheid van het KNMI als nationaal kennis-instituut voor weer, klimaat en seismologie. De raad bestaat uit zeven leden:

Drs. Ferd Crone (voorzitter)
Lid Eerste Kamer PvdA

Prof.dr. Bert Holtslag
Wageningen Universiteit

Prof.dr.ir. Henk Dijkstra
Universiteit Utrecht / IMAU

Drs. Luc Kohsiek
Dijkgraaf Hoogheemraadschap Noorderkwartier

Ir. Annemieke Nijhof MBA
Algemeen directeur Deltares

Dr. André Kuipers
Astronaut, arts en wetenschapper

Dr. Adrien Oth
European Center for Geodynamics and Seismology 

André Kuipers

"Het KNMI is een belangrijk kennis- en datacentrum waar optimaal gebruik van moeten worden gemaakt. Ik vind het heel belangrijk dat maatschappelijk relevante beslissingen worden genomen op basis van wetenschappelijke feiten. Satellietmetingen worden allang niet meer alleen gebruikt om het weer te voorspellen. Ze worden steeds uitgebreider en gedetailleerder en spelen een belangrijke rol bij klimaatonderzoek. Als astronaut volg ik deze ontwikkelingen op de voet. Ik ben een groot voorstander van kennisuitwisseling en van nauwe samenwerking tussen spelers op het gebied van ruimtevaart en het klimaat.”

Annemieke Nijhof

“Als lid van de Raad van Toezicht krijg ik de kans om deel uit te maken van de nieuwe ontwikkelingen op het gebied van weersverwachtingen, klimaat en seismologie, en strategische kwesties hierover te bespreken. Het KNMI levert data en kennis die cruciaal zijn voor de belangrijke infrastructuren en dagelijkse processen in ons land, zoals weerinformatie voor het wegverkeer, de luchtvaart en watermanagement. De kwalitatief hoogstaande KNMI-kennis over klimaatverandering wordt gebruikt voor diverse beleidsterreinen. De uitdaging is om de impact van het werk van het KNMI te vergroten voor de samenleving. Als voormalig directeur-generaal Watermanagement bij het ministerie van Infrastructuur en Milieu ben ik daar al mee bezig geweest. Nu vanuit de wereld van ingenieursbureaus.”

Bert Holtslag

“KNMI is in Nederland heel belangrijk voor onderzoek en advisering over alle aspecten van weer, klimaat en seismologie. Zelf heb ik met veel plezier meer dan twintig jaar bij het KNMI als onderzoeker en werkgroepleider bij het KNMI gewerkt. Vanuit die ervaring let ik als lid van de Raad van Toezicht op de inhoudelijk kwaliteit en de maatschappelijke impact van het KNMI.”

Ferd Crone

“Het KNMI wordt algemeen erkend als een zeer betrouwbaar instituut, en dat verdient uiterste bescherming. Bij weersverwachtingen, waarschuwingen-op-impact-basis en ook lange termijn (on)zekerheden over klimaat, kan het KNMI zijn kwaliteit en uitstraling verder versterken. Ik draag daar graag aan bij vanuit mijn bestuurlijke betrokkenheid bij het Nederlandse veiligheidsbeleid vanuit mijn veiligheidsregio en als actieve volger van het klimaatdebat sinds 25 jaar.”

Luc Kohsiek

"De uitdaging is om een bijdrage te leveren in de ontwikkeling van het KNMI om de status van nationaal en internationaal topinstituut te versterken. Daarvoor adviseer ik de directie bij het maken van strategische keuzes. Als dijkgraaf ben ik klant. Klant voor operationele meteovoorspellingen, maar ook voor nieuwe klimaatscenario's. Als lid van andere RvT's van kennisinstellingen zie ik het KNMI als onmisbare samenwerkingspartner. Belangrijk in het werk van het KNMI is dat het instituut steeds beter wordt in de operationele weersvoorspellingen en met name van weersituaties die tot een code geel, oranje of rood leiden. Daarnaast is KNMI een topinstituut met betrekking tot klimaatonderzoek."

Henk Dijkstra

"Het is belangrijk dat de kwaliteit van het wetenschappelijk werk op het KNMI hoog blijft. Als lid van de Raad van Toezicht wil ik dit waarborgen. De Universiteit Utrecht en met name het Instituut voor Marien en Atmosferisch onderzoek Utrecht (IMAU) heeft een lange traditie van samenwerking met het KNMI op het gebied van weer en klimaat. Zo werken we sinds 1990 samen aan onderwerpen zoals El Niño en de mondiale oceaancirculatie. Het KNMI vervult een belangrijke rol in het strategische klimaatonderzoek: het integreren van resultaten uit nieuw fundamenteel onderzoek in klimaatmodellen en het bepalen van de gevolgen daarvan op scenario’s van toekomstige klimaatverandering. Daarnaast vormt het KNMI de connectie tussen universiteiten en enkele grote Europese centra op het gebied van weer en klimaat, zoals het ECMWF."

Adrien Oth

"In view of today’s major environmental challenges, from climate change to the increasing exposure to natural hazards, KNMI is an institution of key importance to the Netherlands, providing advice and furthering our knowledge on weather, climate, and seismological hazards. KNMI is also an institution of great international reputation. As a seismologist, I believe that without KNMI’s engagement in the development of the ORFEUS seismic data centre and ensuing initiatives, the European seismological community would not be where it stands today. As a member of the Supervisory Board, my prime focus lies on maintaining the outstanding quality of KNMI’s scientific activities as well as the social impact and visibility of this work."